Over dit hoofdstuk/artikel

auteurs


1
De Informatie Dienst Inzake Lectuur (1937-1970) was een door de Katholieke Kerk opgerichte instantie die boeken beoordeelde vanuit het katholieke standpunt. Eind jaren zestig werden haar adviezen steeds vaker gezien als een vorm van ongewenste censuur en inmenging.
2
?Waarom verdient het goede kinderboek onze diepe belangstelling?? In: Verslag van het congres Boek en Jeugd, gehouden te ‘s-Gravenhage op 2 en 3 november 1951.
3
Op 2 april 1942 schrijft Van de Hulst aan Callenbach: ?Ook ik heb mij – zij ’t met een bezwaard gemoed – opgegeven aan de Kultuurkamer. Ik word – vergeef me de onbescheidenheid – door duizenden gelezen in den lande. Dit gaf de doorslag, Zolang ik spreken kan, meen ik te moeten spreken!? Op 22 januari 1944 laat hij weten die aanmelding inmiddels teruggetrokken te hebben. Hij wil alleen nog schoolboeken uitgeven want die worden minder scherp gescreend.
4
Daan van der Kaaden, Zoeken naar de ziel. Leven en werk van W.G. van de Hulst (Nijkerk 1994).
5
?Ons geschiedenis-onderwijs en onze kinderen?, lezing gehouden op een onderwijzersbijeenkomst in Wedde, vermoedelijk jaren twintig of dertig in: Het kind en zijn boek, lezingen van W.G. van de Hulst, samengesteld en ingeleid door Daan van der Kaaden (Nijkerk 1995).
6
?Zijn wij opvoeders?? in: Het kind en zijn boek.
7
?Het kinderboek in de litteratuur? in: Het kind en zijn boek.
8
?De werkelijkheid en de waarheid in het litteraire boek? in: Het kind en zijn boek.
9
Tom Beaudoin, ?Die vent met zijn veertje is stapelgek. De kinderblik van Reiner Zimnik?, in: Bzzlletin 95 (1982).
10
?Waarom verdient het goede kinderboek onze diepe belangstelling??
11
Annie M.G. Schmidt, ?Wijntje en Dina?, in: D?t was nog eens lezen! Veertig auteurs over boeken uit hun kinderjaren (Amsterdam 1972). Meer over de po?tica van Schmidt in Joke Linders: Doe nooit wat je moeder zegt. Annie M.G. Schmidt – de geschiedenis van haar schrijverschap (Amsterdam 1999).